Gebouwd voor de eeuwigheid

Bij begraafplaatsen en crematoria denk je aan verdriet, leed en rouw. Niet aan duurzaamheid. Toch is het verstandig met die bril op te kijken naar de vernieuwde begraafplaats Essenhof in Dordrecht. Hier was een ingrijpende aanpassing van de gebouwen nodig vanwege aangescherpte milieueisen en ruimtegebrek. Het bleek het ideale moment om duurzaamheid in alle aspecten van het bedrijf door te voeren. EGM architecten wist bovendien de noodzakelijke toevoegingen respectvol en eerbiedig in te passen. (foto: EGM Architecten)

Een metalen hek met goudkleurige elementen, op hun plaats gehouden door staaldraden, biedt toegang tot de Essenhof. Direct na de poort bevindt zich een open plein waar twee opvallende gebouwen als onwaarschijnlijk ensemble omheen staan. Onwaarschijnlijk omdat ze in niets op elkaar lijken maar toch zo vanzelfsprekend bij elkaar horen. Het oudste van de twee dateert uit 1988 en is in gebruik als aula, ontvangstcentrum en crematorium. Dit gebouw met wit gestuukte muren heeft een ronde plattegrond rond een open patio met waterpartij en rotstuin. Karakteristiek zijn de smalle rechthoekige ramen die zicht op de begraafplaats rondom bieden. Architect was Bram Middelhoek, een van de grondleggers van EGM architecten. In een tijd dat crematies in opkomst waren maar nog niemand kon voorspellen welk aandeel het cremeren zou krijgen in de branche, kwam Middelhoek met dit unieke, compacte ontwerp. Tot op heden is dit het enige ronde aulacomplex in ons land. De routing in het pand is uitgekiend en vormt een logisch geheel met de strooivelden en zerkenlanen die zich erachter uitstrekken.

Tegenover deze witte blikvanger, naast de nieuwe poort, staat een klein plectrumvormig kantoor van architecten Victor de Leeuw en John Mol van EGM architecten. De buitenmuur van verticale latten in Accoya hout wordt bekroond met een rand van glas onder het mos-sedumdak dat ter hoogte van de entree ver uitkraagt en een natuurlijke luifel vormt. Het duurzame kantoortje kwam in 2012 gereed en biedt onderdak aan het administratief en ondersteunend personeel van de Essenhof. Deze medewerkers kregen zo een losstaand, eigen onderkomen. Zij vertrokken uit het aulacomplex waar hun behuizing uit zijn voegen knapte. Het onbehandelde hout en de kleurschakering van subtiele aardetinten en groen komt in de interieurs van beide panden terug en smeedt ze gevoelsmatig aaneen.

Achter dit smaakvolle ensemble strekken zich de velden van de historische begraafplaats uit. Wie hier rondloopt, heeft het gevoel in een Arboretum beland te zijn. De Essenhof is een gevarieerd parkachtig landschap dat zijn oorsprong vindt in een boomgaard. De gemeente Dordrecht kocht de grond in 1829 nadat zij had verordonneerd dat overledenen niet langer rond de kerken in de binnenstad begraven mochten worden. De Essenhof werd de eerste algemene begraafplaats van de stad. Het historische gedeelte heeft intussen de status van rijksmonument.

Milieueisen

Hoewel de nieuwbouw die EGM realiseerde het gebrek aan ruimte voor het personeel oploste, komt de bouw ervan voort uit een heel ander probleem. De milieueisen voor de uitstoot van vervuilende stoffen door crematoria waren aangescherpt. Dit betekende dat bovenop de bestaande twee crematieovens in de kelder van de aula emissiebeperkende filterinstallaties moesten worden geplaatst. Deze zijn echter zo groot, dat er in de kelder geen ruimte voor was.

Directeur Pauline Harmsen van de Essenhof diende bij het gemeentebestuur een Masterplan in voor de hele begraafplaats. ‘Zo konden we meerdere knelpunten aanpakken die we inmiddels ervoeren. Het aantal crematies heeft in de jaren negentig een grote vlucht genomen, dus was uitbreiding van onze faciliteiten noodzakelijk. Tevens was afscheid nemen in diezelfde periode sterk geïndividualiseerd. Nabestaanden claimden terecht meer zeggenschap. De variëteit in uitvaarten die hiervan het gevolg was, vroeg om flexibele dienstverlening. Die konden we in het bestaande gebouw niet langer adequaat bieden. De voorzieningen waren verouderd en wij hebben nu veel meer personeel dan een jaar of twintig geleden. Ondanks een uitbreiding met enkele dienstruimtes eind jaren negentig, was het aulacomplex alsnog te klein om onze sterk gegroeide organisatie te huisvesten én het door ons gewenste niveau van dienstverlening te bieden.’

Voor de planvorming nam de Essenhof EGM in de arm. Jaap van Nes werd als projectcoördinator aangesteld: ‘Wederom, want in 1988 was ik ook betrokken bij de nieuwbouw van de aula.’ Van Nes stelt het verbouwingsplan op. Met de aula opnieuw als spil: ‘De ronde plattegrond is een ijzersterk ontwerp. We konden het crematoriumgedeelte naar de begane grond verplaatsen en een nieuwe routing creëren zonder de basisindeling aan te tasten.’Mol vult aan: ‘Ik heb een uitbouw ontworpen voor het crematorium die ook plaats biedt aan de nieuwe milieu-installatie en een apart systeem om restwarmte van de oven op te slaan in warm water. De warmtevaten staan in de kelder waar ruimte vrijkwam doordat het crematorium naar de begane grond verplaatst werd. En met het water verwarmen we gebouwen op de Essenhof. Deze begraafplaats is in principde dus energieneutraal.’

De uitbouw voor het nieuwe crematorium steekt als onopvallend doosje uit de gevel. Van binnen is de aula heringericht met de moderne infrastructuur en een aangepaste indeling. De kleurstelling en inrichting zijn ‘dienend’, noemt Harmsen het: ‘Zij eisen nergens de aandacht op. Daarin is EGM buitengewoon goed geslaagd. Dat geldt voor de aula uit 1988 maar zeker ook voor de nieuwbouw. Dat toont in mijn ogen de kracht van beide ontwerpen en van EGM als bureau. Kijk naar die aula. Zij heeft een dwingende vorm, die afgestemd is op de directe omgeving. Het is fantastisch te zien hoeveel we hebben bereikt binnen het oorspronkelijke concept van dat pand. Het is nooit ontworpen op 1500 uitvaarten per jaar, maar kan dit na de ingreep van EGM wel aan. Een indrukwekkend voorbeeld van duurzaamheid dat een 26 jaar oud pand zoveel potentie in zich heeft dat het relatief eenvoudig weer up-to-date gemaakt kon worden.’

Duurzame nieuwbouw

De indeling van De Essenhof heeft voor directeur Harmsen aan kracht en helderheid gewonnen door de komst van het nieuwe publiekskantoor: ‘De verschillende taken in ons werk zijn uit elkaar gehaald. Was voorheen alles in het aulacomplex ondergebracht, nu is dat pand specifiek voor de uitvaart ingericht. De ondersteunende en publieksfuncties zijn in de nieuwbouw ondergebracht. Zo hebben we iedereen meer ruimte gegeven. EGM heeft met haar ontwerp rust en orde gebracht, voor het personeel en voor de bezoekers.’

Over die nieuwbouw spreekt Harmsen slechts in superlatieven. Niet gek, want het eindresultaat is een sfeervol onderkomen op een markante plek. ‘Het straalt eenvoud uit, maar draagt tegelijk bij aan onze werkprocessen’, merkt zij op. ‘Het heeft geholpen onze dienstverlening te verbeteren en dat horen we van zowel nabestaanden als uitvaartondernemers en medewerkers.’

Daar komt bij, dat het nieuwe kantoor buitengewoon duurzaam is. Als gezegd, is het energieneutraal in de temperatuurregeling. ‘Maar eigenlijk alles aan het gebouw is duurzaam’, stelt architect John Mol trots. ‘Het pand is zeer licht gebouwd. Zo is er geen beton of steen gebruikt in de gevels maar Accoya hout, houtskeletbouw, isolatie en glas. De warmteweerstand voor thermische isolatie, ofwel de Rc-waarde, ligt op 5, veel hoger dan het vereiste minimum van 3,5. Door het mos-sedum dak wordt het regenwater zo geleidelijk afgevoerd dat geloosd kan worden op het maaiveld in plaats van op het riool. Aan de binnenzijde zijn minuscule buisjes in de stucwanden verwerkt waarmee de vertrekken heel regelmatig en aangenaam verwarmd worden. Voordeel is ook dat hierdoor nergens radiatoren nodig zijn. Via solar tubes, speciale lichtkoepels in het dak, straalt het daglicht zo naar binnen dat de noodzaak voor kunstlicht beperkt blijft. Koudebruggen als entrees en ramen zijn voorzien van speciale kunststof onderbrekingen waardoor warmteverlies geminimaliseerd wordt. En alle toegepaste materialen zijn onderhoudsarm zodat ook in de exploitatiekosten een grote bezuiniging te realiseren is.’

Nieuw hoofdstuk

Bouwen voor begraafplaatsen is bouwen met het hoogste respect voor de omgeving. Mol: ‘Emoties als verdriet en rouw staan hier sterk op de voorgrond. Dat levert een heel ander type beleving op van de architectuur. De kunst is op de achtergrond te blijven.’ Of, zoals Harmsen het wat scherp stelt: ‘Dit is niet een huiskamer met een kleedje scheef over de tafel. De nabestaanden moeten hier in staat zijn hun verdriet ruimte te geven. Het gebouw mag daarbij niets opdringen, maar moet juist dienend zijn. Het moet wel een warm welkom gevoel geven. Ik vind het bijzonder om te zien hoe goed EGM dat begrepen heeft, hoe goed zij ook de processen achter een uitvaart kennen. Hierdoor was het bureau in staat een prachtig nieuw hoofdstuk toe te voegen aan deze historische plek.’ Bescheiden voegt Mol eraan toe dat het succes van deze opdracht mede te danken was aan de prettige samenwerking met Harmsen: ‘Het is bijzonder om met zo’n betrokken opdrachtgever te werken die je zoveel vertrouwen geeft. Dat zorgt ervoor dat je het niet als werk ziet maar als een bijzondere opgave. Helemaal omdat we de kans kregen de Essenhof als totaalpakket te realiseren. Naast de aula en de nieuwbouw is ook een deel van het gebied tussen die twee panden door ons ingericht. We hebben onze bijdrage kunnen leveren bij het opnieuw inrichten van het terrein en de tuin, de bewegwijzering is van onze hand en zelfs voor de nieuwe toegangspoort mochten we het ontwerp leveren. Daardoor konden we een afgewogen totaalconcept maken; een kans die je niet vaak krijgt.’

Een kans overigens waarmee EGM de historie van de Essenhof opnieuw wist uit te breiden. Historie die teruggaat tot die boomgaard die in 1829 werd aangekocht en waar niet alleen de zerken getuigen van haar lange verleden, maar waar ook de gebouwen tonen hoe de ideeën over lijkbezorging door de jaren heen evolueren. Opdat deze plek ook in de toekomst onderdeel blijft van het leven.

 

Twee uitersten verenigen

Emoties als rouw en verdriet spelen een grote rol op begraafplaatsen. Maar een begraafplaats is ook een omgeving waar effectiviteit en efficiënte processen nodig zijn. Een ontwerp in dit domein moet die beide uitersten in zich verenigen. Een complexe opgave, mede omdat de twee werelden van emoties en functionaliteit niet alleen in de gebouwen op een begraafplaats bestaan, maar ook op de terreinen daar omheen. EGM architecten beschouwt het ontwerpen voor begraafplaatsen dan ook als integrale opgaven.

Een mooi voorbeeld van stedenbouwkundige en landschappelijke integratie van nieuwbouw in het oorspronkelijke ontwerp, is Crematorium Rusthof dat de Architectuurprijs Amersfoort 2003 won. Ook de Noorderbegraafplaats en begraafplaats Zuiderhof in Hilversum, beide rijksmonument, zijn in de jaren negentig zorgvuldig gerestaureerd door EGM architecten. Via studieontwerpen voor crematoria in Nieuw Vennep en Gorinchem verdiepte EGM haar kennis over deze maatschappelijk verankerde bedrijfstak.

EGM architecten heeft jarenlange ervaring met ontwerpen van gebouwen voor de gezondheidszorg; gebouwen die net als begraafplaatsen een relatie hebben met de essenties van het leven. Ook voor deze gebouwen creëren we plekken voor bezinning, zoals de kapellen in het Jeroen Bosch Ziekenhuis in ’s-Hertogenbosch, het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis in Amsterdam en het woonzorgcentrum St. Elisabeth in Roosendaal. Tevens ontwerpt het bureau auditoria (zoals in het Ikazia Ziekenhuis in Rotterdam) en stiltecentra (bijvoorbeeld in het Groene Hart Ziekenhuis in Gouda dat eind 2013 werd opgeleverd).

Onze brede kennis en uitgebreide ervaring met al deze typen zorggebouwen helpen ons samen met de opdrachtgever te komen tot de realisatie van een hoogwaardig architectonisch en functioneel crematorium. Een gebouw dat alles kan dragen, maar niet dwingt.

(publicatie: Terebinth, tijdschrift voor funeraire cultuur – 2014)