Eva Jinek

De belangen van Eva Jinek

Een bekend hoofd. Geen wonder want ze is bijna dagelijks op tv te zien. Eva Jinek is één van de gezichten van de Nederlandse tv-journalistiek. Normaal praat ze over nieuws. Voor C verlegt ze haar blik naar de tv-journalistiek. Ze reageert op zes thema’s. Zes aspecten van haar vak die bepalend zijn voor de beleving van het journaal. (foto: Eran Oppenheimer)

Ze gaat zitten, verontschuldigt zich. Ze heeft vroege dienst gehad. Dat betekent opstaan om kwart voor vier. Om vijf uur melden in de studio en dan met een handjevol redacteuren het eerste bulletin van de dag samenstellen. Teksten maken, volgorde van de berichten bepalen en dan tot het middagjournaal op de buis. Een espressootje zal haar goed doen. Eva Jinek neemt een slok uit het dampende kopje, zucht de vermoeidheid van zich af.

Ze trad zeven jaar geleden aan als stagiair bij de NOS. ‘Ik zat in Washington bij Charles Groenhuizen, toen Amerika-correspondent. Aan het eind van mijn stage tipte hij me op een vacature bij de buitenlandredactie tv. Daar ben ik vervolgens begonnen; presenteren is er daarna per toeval bijgekomen.’

Hiermee stipt Jinek fijntjes een breed levende vooronderstelling aan. Nieuwslezers, what’s in a name, zijn niet meer dan voorlezers van berichtjes. ‘Absoluut niet waar’, ontkracht ze dit beeld maar weer eens. ‘Iedereen die het nieuws presenteert, is in de eerste plaats journalist. Een eenvoudig voorbeeld; de gebeurtenissen in Egypte, die leidden tot het aftreden van Hosni Mubarak, startten op een doordeweekse dag, tijdens mijn dienst. Binnen twee minuten zat ik in een twee uur durende live uitzending. Niets op papier of op de autocue. Praten maar. Dat kun je niet doen zonder journalistieke kennis.’

Het belang van een vast gezicht

In de Verenigde Staten, waar Jinek haar journalistieke carrière begon, draait het nieuws om de anchorman, ofwel de nieuwsanker. Daar kijk je naar Het Nieuws Met Peter Jennings of Het Journaal Met Walter Cronkite; niet naar het nieuws op ABC of CBS. De anker drukt een zichtbaar stempel op de uitzending. In ons land is het gezicht minder belangrijk. ‘Wel werken Nederlandse omroepen meer met vaste presentatoren dan een paar jaar geleden. Zo is het achtuurjournaal ons vlaggenschip waar de NOS bij uitstek haar journalistieke keuzen laat zien. Daar zijn Rob Trip en Sacha de Boer vaste ankers. Ook het RTL Nieuws van half acht heeft in Suzanne Bosman en Rick Nieman een vast koppel.’

Ondanks deze ontwikkeling blijft informatie belangrijker dan het individu. ‘Achter de schermen druk je een stempel op de uitzending, maar dat is niet zichtbaar. Wij hechten in Nederland aan een zekere mate van neutraliteit en inwisselbaarheid.’

Het belang van ritme

‘Intuïtief voel je aan dat een uitzending goed ging of minder. Wat maakt het verschil? Teksten moeten prikkelen zonder al te veel aan de verbeelding over te laten. Een goede montage met een prettig ritme van binnenland versus buitenland, lucht versus zware onderwerpen. Het is als een compositie; je voelt het als alles klopt.’

Dat gevoel komt pas na de uitzending. Pas dan immers kun je terugkijken of echt alles klopte. ‘Ik ben de laatste schakel in die uitzending. Ik weet hoeveel werk er gaat zitten in een filmpje van anderhalve minuut. Als ik de intro verhaspel, is het effect ervan weg. Het ritme kan goed zijn, de fragmenten goed gekozen. Maar pas als ik alles ook foutloos aan elkaar gepraat heb, is de uitzending geslaagd. Die verantwoordelijkheid voel ik ook; wat ik doe, bepaalt mede het succes van het werk van anderen.’

Het belang van de keuze

Gekeken naar het belangrijkste bulletin, is een uitzending niet langer dan 25 minuten. In die tijd kan niet de hele wereld de revue passeren. Een journaal maken is dus keuzen maken. En hoe eenvoudig dat ook klinkt, de verantwoordelijkheid is groot. Het journaal bepaalt mede wat belangrijk is op een dag.

‘Het journaal heeft nog altijd veel invloed. Wij drukken een stempel op het nieuws van de dag en op de debatten in actualiteitenrubrieken later op de dag. Het is een proces van zorgvuldig afwegen wat de gemiddelde burger minimaal moet weten. Open je met de grote zedenzaak in Amsterdam of met Libië? Daarover kunnen we de hele dag bakkeleien op de redactie. Er zijn wel grove indicatoren op te stellen. Zo heeft nieuws dichtbij een grotere impact dan nieuws veraf. Een schietpartij in Amerika is een kort berichtje, terwijl het incident in Alphen aan den Rijn dagenlang onze uitzendingen beheerst. Maar het getuigt van een ongekende naïviteit te denken dat je het lokale nieuws kunt begrijpen zonder te weten wat zich in de rest van de wereld afspeelt.’

Het belang van de vertelwijze

Objectiviteit in de journalistiek bestaat de facto niet. Elk verhaal kan op duizend verschillende manieren verteld worden. Hoe je nieuws brengt, bepaalt hoe de kijker het beleeft. Daarom spreekt Jinek over neutrale berichtgeving: ‘Elk woord is een bewuste keuze. Ik kan spreken over rebellen of opstandelingen. Feitelijk synoniemen maar ze hebben een totaal andere lading. We kiezen onze woorden zorgvuldig, zodat we niemand bevoordelen of benadelen.’

Het belang van de communicatieadviseur

De communicatieadviseur is een belangrijke factor geworden in het nieuws. Communicatie is geëmancipeerd, woordvoerders zijn geprofessionaliseerd. De communicatieprofessional is er niet vies van het werk van de journalist over te nemen. ‘We krijgen soms kant-en-klare quotes van de CEO aangeleverd’, lacht Jinek. ‘Met de opmerking: je doet het hiermee of je krijgt van ons geen medewerking. Maar dat druist in tegen ons vak. Je moet als journalist een kritische houding hebben, hoor en wederhoor toepassen.’

Jinek snapt dat de woordvoerder betaald wordt om de boodschap van een bedrijf goed voor het voetlicht te brengen. Maar er is een open, respectvolle relatie nodig waarin ieder zijn rol kan pakken. ‘Dan kun je elkaar versterken en komt je boodschap uiteindelijk beter over dan als je de hakken in het zand zet.’

Het belang van sociale media

De opkomst van sociale media heeft de informatievoorziening enorm versneld. De consument is daarnaast niet langer afhankelijk van het tv-journaal voor zijn dagelijkse nieuwsvoorziening. ‘Je hoeft niet op ons te wachten om te weten wat er speelt’, spreekt Jinek over deze revolutie in de journalistiek. Maar dat hierdoor het belang van de traditionele media afbrokkelt, bestrijdt ze. ‘Onze taak verandert, dat wel. Er is een overkill aan informatie. Waar moet je zoeken en wie kun je vertrouwen? Wij onderzoeken wat de goede bronnen zijn. Wij maken onderscheid in de dagelijkse stortvloed aan informatie. De context van het nieuws, die moeten mensen nog steeds halen bij de klassieke media: duiding en verificatie via betrouwbare verslaggevers ter plekke. Voor de snelheid van het nieuws heb je ons niet meer nodig, maar voor de duiding ervan des te harder.’

(publicatie: vakblad C – 2011)